De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken.

Strict noodzakelijke cookies
Deze cookies zijn strikt noodzakelijk om over de site te avigeren, of om te voorzien in door u aangevraagde faciliteiten.
Functionaliteitscookies
Deze cookies verbeteren van de functionaliteit van de website door het opslaan van uw voorkeuren.
Prestatiecookies
Deze cookies helpen om de prestaties van de website te verbeteren, waardoor een betere gebruikerservaring ontstaat.
Online surfgedrag gebaseerde reclame cookies
Deze cookies worden gebruikt om op de gebruiker toegesneden reclame en andere informatie te tonen.
Meer weten...

Provinciaal subsidiereglement voor projecten ter ondersteuning van het lokale woonbeleid

Besluit van 21 december 2016

De provincieraad van Limburg

Gelet op volgende doelstelling, actieplan en actie van het provinciale beleid 2014-2019:

  • beleidsdoelstelling 2016140002 “Sociaal Limburg”
  • actieplan 2016000001” Wonen voor doelgroepen”
  • actie 2016000008 “Verlenen van subsidies aan projecten met betrekking tot wonen voor doelgroepen”;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 21 september 2007 betreffende de subsidiëring van projecten ter ondersteuning van het lokale woonbeleid;

Gelet op de wijziging van de financieringswijze bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2010;

Gelet op het provincieraadsbesluit van 27 april 2011 betreffende het “Provinciaal subsidiereglement voor projecten ter ondersteuning van het lokale woonbeleid”;

Overwegende dat een aantal interlokale verenigingen reeds in hun derde projectperiode beland is en de ondersteuning van de lokale besturen in het voeren van een lokaal woonbeleid wil verderzetten;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016 houdende subsidiëring van intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokale woonbeleid;

Overwegende dat de provincie eigen klemtonen wenst te leggen op activiteiten die nodig zijn om in te spelen op de Limburgse noden van de woningmarkt;

Overwegende dat het om bovenvermelde redenen aangewezen is om over te gaan tot de wijziging van dit subsidiereglement;

Gelet op de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige subsidies;

Gelet op het besluit van de provincieraad van 24 oktober 2012 betreffende de controle op de toekenning en de aanwending van subsidies en de normen voor reservevorming;

Gelet op het besluit van de provincieraad van 20 maart 1996 betreffende de herkenbaarheid van het provinciebestuur in provinciale subsidiereglementen;

Gelet op de budgetsleutel 649020/4/0119/2RU2704j  “Werkingssubsidies aan verenigingen, instellingen en openbare besturen/Overige algemene diensten/Intergemeentelijke samenwerking wonen” van het provinciebudget en meerjarenplan;

Gelet op artikel 42 van het provinciedecreet; 

Besluit

I Voorwerp van het subsidiereglement

Artikel 1: doel en doelgroep

Binnen de perken van het jaarlijks vastgestelde budget kan de deputatie een subsidie verlenen aan een intergemeentelijk samenwerkingsverband, zoals vermeld in het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, voor projecten ter ondersteuning van het lokale woonbeleid met een werkingsgebied van minstens twee gemeenten.

Artikel 2: verklaring termen of begrippen

  • Initiatiefnemer / aanvrager: intergemeentelijk samenwerkingsverband ressorterend onder het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, met uitzondering van intergemeentelijke samenwerkingsverbanden die sociale woonprojecten realiseren.
  • Projectuitvoerder: de initiatiefnemer of een partner die belast is met de uitvoering van een project.
  • Project: het geheel van activiteiten, die het Vlaamse Gewest binnen het kader van het subsidiebesluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016 subsidieert, aangevuld met het verplichte pakket en eventueel optionele activiteiten waarvoor in het kader van dit reglement een subsidie kan worden toegekend.
  • Pakketten: het reglement bevat 1 verplicht en 3 optionele pakketten
    • verplicht pakket: deelname aan provinciale activiteiten rond een actueel thema
      • de deputatie legt de inhoud van het verplichte pakket vast en kan deze aanpassen aan de actuele trends op de woonmarkt
      • dit pakket kan bestaan uit het verzamelen van cijfers, het mee duidelijk stellen van de problematiek, het mee nadenken over een juiste strategische aanpak om oplossingsgericht te kunnen werken, het aftoetsen van provinciale onderzoeksresultaten,…
      • de aanvrager voert deze activiteit uit voor alle gemeenten van het werkingsgebied
    • optionele pakketten:
      • deze drie pakketten zijn de volgende:
        • “Van ruimtelijk uitbreidingsgericht denken naar intensiveren en hergebruik van het bestaande patrimonium”
        • “Afstemmen van woontypologieën op actuele woonbehoeften”
        • “Woonbegeleiding met als doel kwalitatief duurzaam wonen”
      • elk optioneel pakket bevat activiteiten waaruit de subsidieaanvrager een keuze kan maken of hij doet een eigen voorstel van activiteit
      • de deputatie legt binnen de optionele pakketten activiteiten vast, kan deze aanpassen aan actuele trends en beslist of een door de aanvrager voorgestelde activiteit in aanmerking komt
      • per werkingsjaar kan uit maximum twee van de drie pakketten voor één activiteit een bijkomende subsidie verkregen worden. Eenzelfde activiteit kan slechts binnen één pakket gehonoreerd worden voor het verkrijgen van een subsidie
      • deze activiteiten kunnen indien gewenst gestart worden in één of enkele gemeenten maar moeten, tijdens de looptijd van het project, geïmplementeerd worden in minstens de helft van de deelnemende gemeenten.
  • Minister: de Vlaamse minister, bevoegd voor Huisvesting.
  • Vlaamse subsidie: subsidie die de aanvrager ontvangt in het kader van het besluit van de Vlaamse Regering houdende subsidiëring van intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid, van 8 juli 2016.
  • Agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Wonen-Vlaanderen van het Vlaamse Ministerie van Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed, opgericht bij besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005.
  • Werkingsgebied: het ruimtelijk gebied gelegen binnen de provincie Limburg, waarbinnen het project wordt uitgevoerd en dat bestaat uit het grondgebied van minimaal twee gemeenten.
  • Woonoverleg: het overleg op regelmatige basis tussen de lokale woonactoren onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten, met het oog op de voorbereiding of de uitvoering van het lokale woonbeleid.
  • Stuurgroepvergadering: het overleg op regelmatige basis over de uitvoering en de voortgang van een project, zoals vermeld in art. 18 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016.

II Voorwaarden voor subsidietoekenning

Artikel 3: voorwaarden waaraan de aanvrager moet voldoen

Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet de aanvrager aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • de aanvrager moet beantwoorden aan de begrippen van bovenvermeld artikel 2
  • de aanvrager moet voldoen aan alle verplichtingen die voortvloeien uit eerdere toekenningen van gelijkaardige of andere subsidies van de provincie Limburg.

Artikel 4: voorwaarden waaraan het project inhoudelijk moet voldoen

Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet het project inhoudelijk aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • het project moet inhoudelijk beantwoorden aan de termen en begrippen van bovenvermeld artikel 2
  • het project moet uitgevoerd worden op het grondgebied van de provincie Limburg (B)
  • ingeval de aanvrager één of meerdere optionele activiteiten wenst uit te voeren, nodigt hij de provincie uit voor een verkennend gesprek alvorens de subsidieaanvraag wordt ingediend. Dit kan samen georganiseerd worden met het verkennend gesprek zoals vermeld in art. 13 uit het besluit van Vlaamse Regering van 8 juli 2016. Tijdens dit overleg worden de activiteiten, plan van aanpak en doelstellingen besproken die de aanvrager wil opnemen in zijn projectaanvraag. Bij dit overleg is elke betrokken gemeente vertegenwoordigd. De aanvrager maakt van dit overleg het verslag op. De provincie kan binnen de maand opmerkingen formuleren bij dit verslag
  • het project bestaat uit het verplichte pakket en eventueel optionele activiteiten
  • de aanvrager zoekt naar een consensus binnen de deelnemende gemeenten over de geselecteerde activiteiten
  • voor eenzelfde activiteit kan maximaal gedurende drie jaar een subsidie verkregen worden als deze binnen een jaar onmogelijk kan worden afgerond. Een duidelijk stappenplan voor de gehele projectperiode moet opgemaakt worden met de motivatie waarom een item geselecteerd wordt alsook de concrete doelstelling die men wenst te bereiken. De jaarlijkse voortgang wordt geëvalueerd tijdens de stuurgroep en het verslag hiervan wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de deputatie.
  • voor alle geselecteerde activiteiten moet een zichtbaar resultaat verkregen worden, zoals het toepassen van een methodiek, opstellen van verordening of reglement, realisatie van een project, …
  • de gekozen activiteiten worden door het IGS jaarlijks toegelicht en besproken op de provinciale IGS overlegtafel
  • voor de uitvoering van het project kan de initiatiefnemer een beroep doen op een partner.

Artikel 5: voorwaarden waaraan het project financieel moet voldoen

Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet het project aan de volgende voorwaarden financieel voldoen:

  • de minister of zijn gemachtigde moet aan het project een subsidie hebben toegekend in uitvoering van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016
  • de door de provincie gesubsidieerde activiteiten en doelstellingen mogen niet gesubsidieerd worden met de Vlaamse projectsubsidie, zoals vermeld in artikel 2
  • de door de provincie gesubsidieerde activiteiten en doelstellingen mogen nooit voor meer dan 100 % gefinancierd worden.

III Indiening van de subsidieaanvraag

Artikel 6: de termijn, de wijze en het adres van de indiening van de aanvraag

Ten subsidieaanvraag wordt ten laatste 3 maanden na de startdatum van het project ingediend, zoals vastgelegd in de beslissing van de minister over de toekenning van een subsidie in het kader van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016.

De aanvraag tot het verkrijgen van een subsidie kan op de volgende wijze gebeuren:

  • elektronisch
  • per post
  • afgeven tegen ontvangstbewijs.

Elektronische indiening geniet de voorkeur. Bijlagen die bij de aanvraag behoren en die niet-elektronisch worden ingediend, mogen eveneens per post worden ingediend.

Meteen na het indienen wordt de ontvangst van de aanvraag bevestigd en worden het verdere verloop en eventuele bijkomende instructies meegedeeld aan de aanvrager.

De aanvraag moet ingediend worden op volgend adres:
Dienst Wonen
provincie Limburg
Universiteitslaan 1
3500 HASSELT
Tel. 011 23 72 80
E-mail wonen@limburg.be
Website www.limburg.be/subsidies

Artikel 7: documenten in te dienen bij de aanvraag

Voor iedere aanvraag moeten de volgende documenten in 1 exemplaar ingediend worden:

  • een volledig ingevuld, gedateerd en ondertekend aanvraagformulier
  • een duidelijk stappenplan voor de gehele projectperiode met hierin de motivatie waarom een item geselecteerd wordt, in welke gemeenten dit wordt uitgevoerd, alsook de concrete doelstelling(en) die men wenst te bereiken
  • het verslag dat conform bovenvermeld artikel 4 van het verkennend overleg werd opgemaakt
  • de goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen van iedere deelnemende gemeente aan de intergemeentelijke samenwerking ter ondersteuning van het lokale woonbeleid, waaruit blijkt dat zij akkoord gaan met de uitvoering van de geselecteerde pakketten en activiteiten.
  • een kopie van de beslissing van de minister over de toekenning van een subsidie in het kader van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016
  • alle documenten en gegevens die deel uitmaken van de subsidieaanvraag, ingediend bij het agentschap in het kader van het subsidiebesluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016
  • een begroting van ontvangsten en uitgaven voor de realisatie van de activiteiten in het kader van dit provinciaal reglement.

Bij een elektronische aanvraag geldt het mailbericht als ondertekening.
Het aanvraagformulier kan op het adres vermeld in bovenvermeld artikel 6 opgevraagd worden of kan van de bovenvermelde website worden gehaald.

IV Toetsing van de subsidieaanvraag

Artikel 8: toetsing op tijdigheid

Aanvragen die buiten de termijn vermeld in artikel 6 werden ingediend, komen niet meer in aanmerking voor een subsidie in het kader van dit reglement.
De postdatum of bij onleesbaarheid de datum van ontvangst bij het bestuur geldt als datum voor de toetsing. De aanvrager zal hiervan schriftelijk op de hoogte worden gesteld.

Artikel 9: toetsing op volledigheid

De aanvraag wordt onderzocht op volledigheid.

De aanvrager die een onvolledige aanvraag indient, krijgt schriftelijk de vraag om de ontbrekende documenten alsnog in te dienen binnen de meegedeelde termijn. Een aanvraag die niet vervolledigd wordt binnen deze termijn komt in dat jaar niet meer in aanmerking voor een subsidie in het kader van dit reglement.
Hiervan wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.

Artikel 10: toetsing aan de voorwaarden waaraan de aanvrager moet voldoen en aan de voorwaarden waaraan het project inhoudelijk moet voldoen

De aanvraag wordt getoetst aan de voorwaarden vermeld in het reglement.

Artikel 11: toetsing op krediet

Indien de kredieten die in het budget voor dit reglement zijn ingeschreven, uitgeput zijn, komt de aanvraag voor het lopende budgetjaar niet meer in aanmerking voor toekenning. De aanvrager kan zijn aanvraag, in afwijking van de termijn bepaald in artikel 6, opnieuw indienen in het volgende budgetjaar of na een budgetwijziging.

De aanvrager zal hiervan schriftelijk op de hoogte worden gebracht.

Artikel 12: besluitvorming over de subsidieaanvraag

De deputatie beslist binnen een termijn van 2 maanden, te rekenen vanaf de postdatum of bij onleesbaarheid de datum van ontvangst van de aanvraag of in voorkomend geval vanaf de datum van ontvangst van de ontbrekende documenten bedoeld in artikel 9 van dit reglement, of een project wordt goedgekeurd voor maximaal drie werkingsjaren, met verplichte einddatum van 31 december 2019.

Voor een goedgekeurd project beslist de deputatie welk subsidiebedrag per werkingsjaar wordt toegekend. Voor het eerste werkingsjaar neemt de deputatie deze beslissing op basis van de ingediende aanvraag. Voor het tweede en derde werkingsjaar neemt de deputatie deze beslissing op basis van het verslag van de stuurgroep (volgens artikel 15) over het al of niet behalen van de beoogde doelstellingen.

Indien nodig kan de provincie de uitvoering van het project bijsturen of stopzetten als wordt vastgesteld dat de doelstellingen in het gedrang komen of niet gehaald worden.

De aanvrager zal schriftelijk in kennis gesteld worden van de beslissing.

V Berekening van het subsidiebedrag

Artikel 13: bepaling van het subsidiebedrag

Aan het project waaraan een Vlaamse subsidie wordt toegekend voor een welbepaalde projectperiode, wordt door de provincie voor dezelfde projectperiode een projectsubsidie toegekend, op voorwaarde dat voldaan is aan de voorwaarden van dit provinciale reglement. De subsidie wordt toegekend voor een periode van maximaal drie werkingsjaren, met een vaste einddatum op 31 december 2019.

De subsidiëringsperiode van het project gaat in op de geplande startdatum van het project, vermeld in de subsidieaanvraag.

De provinciale subsidie wordt bepaald door het aantal provinciale activiteitenpunten te vermenigvuldigen met de basispunten die Vlaanderen toekent aan de intergemeentelijke samenwerkingen zoals vastgelegd in artikel 11 van het subsidiebesluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016.
Binnen dit provinciale reglement komt 1 activiteitenpunt overeen met 1 500,00 euro. Er kunnen maximaal 3 activiteitenpunten per werkingsjaar worden toegekend (1 verplicht en 2 optioneel).

VI Betaling van het subsidiebedrag

Artikel 14: wijze van betaling

Het toegekende subsidiebedrag wordt in twee schijven betaald.
Een eerste schijf van 80 % voor het eerste werkingsjaar wordt betaald bij toekenning.
Het saldo wordt betaald nadat de voorwaarden tot betaling van het saldo vermeld in de volgende artikels zijn vervuld. Indien een nieuw werkingsjaar wordt gestart, zal de eerste schijf van 80 % van dit werkingsjaar samen met het saldo van het afgelopen jaar worden betaald.

Artikel 15: voorwaarden tot betaling van het saldo

Binnen een termijn van 4 maanden, te rekenen vanaf het einde van het betreffende werkingsjaar, moet de aanvrager een aanvraag tot betaling van het saldo samen met de volgende documenten indienen:

  • het verslag van de stuurgroep met hierin de beschrijving hoe de geselecteerde doelstellingen werden behaald, of, in voorkomend geval, een verantwoording waarom deze niet werden gehaald en een aangepast plan van aanpak. Dit verslag vormt de rapportering over de lopende subsidiëringsperiode
  • de afrekening van ontvangsten en uitgaven, facturen, schuldvorderingen en andere financiële verantwoordingsdocumenten waaruit volgende kosten kunnen worden bewezen:
    • de loonkosten van de eigen personeelsleden van de aanvrager en desgevallend de personeelsleden van de partners die rechtstreeks met de projectuitvoering belast worden naar rato van de effectief gepresteerde uren voor de activiteiten
    • de direct aan de activiteiten gerelateerde werkingskosten zoals vermeld in de projectbegroting

Komen niet in aanmerking voor subsidiëring: overheadkosten bedoeld voor de huisvesting, algemene administratie en beheer, informatica en telecommunicatie

  • indien het toegekende subsidiebedrag hoger is dan 24 789,35 euro, de balans en resultatenrekening van het laatste goedgekeurde rekeningjaar.

Het saldo van 20 % zal worden uitgekeerd na een positieve evaluatie van de rapportering door de deputatie.

De deputatie kan de reeds uitbetaalde subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen wanneer uit de verslagen van de stuurgroepvergaderingen en/of de financiële verantwoordingsdocumenten blijkt dat de subsidie onterecht werd uitbetaald. In voorkomend geval kan de deputatie beslissen om het subsidiebedrag voor het volgende werkjaar te verminderen.

VII Verplichtingen na de toekenning van een subsidie

Artikel 16: verplichtingen na de toekenning

Indien in het kader van dit reglement aan de aanvrager een subsidie wordt toegekend, verbindt deze zich ertoe:

  • de toegekende subsidie aan te wenden voor het doel waarvoor zij werd toegekend
  • de steun van de provincie aan het project te vermelden bij alle publieke communicatie aan de hand van het betreffende logo dat hiervoor ter beschikking is op de website van de provincie
  • de provincie uit te nodigen voor de stuurgroep en voor het lokale woonoverleg tijdens de looptijd van het project, zoals vermeld in art. 9, art. 18 en art. 21 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016
  • een kopie te bezorgen aan de dienst Wonen van alle documenten die hij aan het agentschap bezorgt en van het agentschap ontvangt, zodra men hierover beschikt
  • indien het toegekende subsidiebedrag hoger is dan 24 789,35 euro: gedurende de volledige projectlooptijd jaarlijks de balans en resultatenrekening van het afgelopen goedgekeurde rekeningjaar in te dienen.

VIII Controle en sancties

Artikel 17: controle op de aanwending van de toegekende subsidie

De provincie heeft steeds het recht toezicht en controle uit te oefenen bij de begunstigde van de subsidie die hem in het kader van dit reglement werd toegekend. De begunstigde verbindt er zich toe de nodige inlichtingen te verstrekken en de controle van de provincie Limburg te aanvaarden.

Artikel 18: sancties

Indien de begunstigde één of meer verplichtingen voortvloeiend uit dit reglement niet nakomt kan de provincie het reeds betaalde subsidiebedrag geheel of gedeeltelijk terugvorderen, of in voorkomend geval beslissen tot het niet-betalen of het gedeeltelijk niet-betalen van de toegekende subsidie. Verder kan voor een periode vastgesteld door de deputatie de begunstigde uitgesloten worden om in de toekomst in aanmerking te komen voor subsidies van de provincie Limburg.

IX Slotbepalingen

Artikel 19: inwerkingtreding en geldigheidsduur

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2017 en is geldig tot 31 december 2019.

Artikel 20: opheffings- en overgangsbepalingen

Het “Provinciaal subsidiereglement voor projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid” van 27 april 2011 wordt hierbij opgeheven.
Subsidieaanvragen die werden ingediend in het kader van het “Provinciaal subsidiereglement voor projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid” van 27 april 2011 en die nog in behandeling zijn op 1 januari 2017 worden verder behandeld overeenkomstig de voorwaarden en procedure bepaald in het reglement van 27 april 2011.
De erkenningsmodaliteiten, de betalingsmodaliteiten, de verplichtingen na toekenning van een subsidie in het kader van het opgeheven reglement alsook de controle- en sanctiemogelijkheden ervan worden in voorkomend geval eveneens geregeld overeenkomstig het opgeheven reglement.

De intergemeentelijke samenwerkingsverbanden “Woonfocus” en “Aangenaam Wonen in Nieuwerkerken en Sint-Truiden” hebben bij de indiening van een nieuwe projectaanvraag de keuze om hun aanvraag te laten behandelen volgens het reglement van 27 april 2011 of volgens dit nieuwe reglement.

Een intergemeentelijke samenwerking waarbij een gemeente wenst aan te sluiten vanuit een andere reeds gesubsidieerde intergemeentelijke samenwerking op basis van het “Provinciaal subsidiereglement voor projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid” van 27 april 2011, moet beantwoorden aan de voorwaarden van art. 24 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016.

Artikel 21: interpretatiegeschillen en onvoorziene omstandigheden

Alle interpretatiegeschillen en onvoorziene omstandigheden betreffende de toepassing van dit reglement worden behandeld door de deputatie.

Hasselt d.d. 2016-12-21

De provinciegriffier
Renata Camps

De voorzitter
Gilbert Van Baelen

Contactgegevens dienst

Openingsuren

Het Provinciehuis is elke werkdag geopend van 9 tot 12 uur en van 13.30 tot 17 uur.