De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken.

Strict noodzakelijke cookies
Deze cookies zijn strikt noodzakelijk om over de site te avigeren, of om te voorzien in door u aangevraagde faciliteiten.
Functionaliteitscookies
Deze cookies verbeteren van de functionaliteit van de website door het opslaan van uw voorkeuren.
Prestatiecookies
Deze cookies helpen om de prestaties van de website te verbeteren, waardoor een betere gebruikerservaring ontstaat.
Online surfgedrag gebaseerde reclame cookies
Deze cookies worden gebruikt om op de gebruiker toegesneden reclame en andere informatie te tonen.
Meer weten...

Reglement betreffende de subsidiëring van intergemeentelijke en regionale arbeidsmarktprojecten

woensdag, 18 januari 2017

Besluit van 18 januari 2017

De provincieraad van Limburg

Gelet op volgende doelstelling, actieplan en actie van het provinciale beleid 2014-2019:

  • beleidsdoelstelling 2017140001 “Sterk Limburg”
  • actieplan 2017140023 “Bijdragen aan de versterking van het economische weefsel”
  • actie 2017140233 “Bijdragen aan een performante werking van de Limburgse arbeidsmarkt”;

Gelet op het Strategisch Actieplan Limburg in het Kwadraat (SALK), zoals voorgesteld door de Vlaamse Regering d.d. 2013-07-16;

Overwegende dat, in het kader van SALK, de deputatie provinciale beleidsmatige prioriteiten in diverse provinciale beleidsdomeinen in de beleidsnota “Eén, Sterk, Sociaal en Duurzaam Limburg 2013-2019” heeft vastgelegd;

dat SALK, in het bijzonder het V²O-principe en de voorgestelde zeshoek met randvoorwaarden, wordt beschouwd als een sociaaleconomische basisstrategie waaraan de provincie Limburg ook na de SALK-planperiode een verdere en duurzame invulling en uitvoering wil geven;

dat deze uitvoering wordt geïntegreerd in o.m. het provinciale cluster- of speerpuntenbeleid en het provinciale arbeidsmarktbeleid;

dat deze uitvoering maximaal wordt afgestemd op de vernieuwde streekwerking in de provincie, zoals vastgelegd in het project LIRES, d.d. 2016-06-28 goedgekeurd door het ESF-agentschap binnen de oproep 354 “Versterkt Streekbeleid”;

dat binnen LIRES een strategische stedelijke en economische ontwikkelingsvisie en actiemodel voor Limburg en voor de Limburgse deelregio’s wordt uitgewerkt;

dat in de streekwerking wordt gefocust op regionale hefboomprojecten, die via een provinciaal streekontwikkelingsfonds kunnen worden ondersteund en op intergemeentelijke en regionale arbeidsmarktprojecten ter verbetering van de regionale en provinciale werkzaamheidsgraad en het terugdringen van de regionale en provinciale werkloosheidsgraad;

Gelet op de regionale verschillen en de hiermee corresponderende noden binnen de Limburgse arbeidsmarkt, bijvoorbeeld:

  • mijnregio: een hoge ongekwalificeerde uitstroom uit het onderwijs, een hoge jeugdwerkloosheid en een hoge werkloosheidsgraad bij personen van allochtone origine;
  • Maasland: een hoge spanning tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt creëert een hoge werkloosheid;
  • Zuid-Limburg: een verregaande vergrijzing;

Overwegende dat voor de provincie Limburg de performante werking van de Limburgse arbeidsmarkt een belangrijke beleidsdoelstelling is;

dat hiervoor op 20 juni 2013 een samenwerkingsovereenkomst is gesloten tussen de provincie Limburg en VDAB Limburg, ter realisatie van een geïntegreerd (arbeidsmarkt en onderwijs) en inclusief (aandacht voor kansengroepen) competentieversterkend provinciaal beleid om de provinciale werkloosheid significant terug te dringen, de match tussen de Limburgse arbeidsmarkt en het bedrijfsleven te verbeteren, de wendbaarheid van de Limburgse arbeidsmarkt in relatie met de ontwikkeling van nieuwe economische speerpunten te verhogen en de groeipotenties van de sociale economie te valoriseren;

Overwegende dat in het kader van SALK er bijkomende Europese steunmogelijkheden zijn gereserveerd via de GTI Limburg, gefinancierd vanuit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) en het Europees Sociaal Fonds (ESF);
dat deze bijkomende Europese subsidie-enveloppe is ingepast in de relevante operationele programma’s;

Overwegende dat met de beschikbare ESF-enveloppe additionele en innovatieve bemiddelings- en opleidingscapaciteit kan worden gecreëerd, gericht op een performantere werking van de Limburgse arbeidsmarkt met specifieke aandacht voor de bestaande Limburgse regionale verschillen;

dat de provincie Limburg de Limburgse gemeenten en intermediaire arbeidsmarktorganisaties in de projectvoorbereiding en in de ontwikkeling en uitvoering van gepaste arbeidsmarktacties financieel wenst te ondersteunen via een regionaal arbeidsmarktfonds;
dat deze projecten maximaal moeten aansluiten bij het GTI-ESF-programma en bij de vernieuwde streekwerking;

Gelet op de verordening (EG) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun (Publicatieblad van 24 december 2013, L 352 en alle latere wijzigingen van die verordening);

Overwegende dat de steun in het kader van deze subsidie wordt beschouwd als "de-minimissteun";
dat de "de-minimisregeling" de mogelijkheid biedt om steun toe te kennen aan ondernemingen gelimiteerd tot 200.000,00 euro per 3 jaar en dat de periode van 3 jaar een rollend karakter heeft;

dat alle overheidssteun die onder de "de-minimis"valt, meetelt om te bepalen of de limiet van 200.000,00 euro per 3 jaar al dan niet overschreden wordt;
dat, indien de onderneming een verbonden onderneming is, deze "de-minimisdrempels" voor het groepsniveau van de verbonden ondernemingen gelden;

Overwegende dat het om bovenvermelde redenen aangewezen is om over te gaan tot de vaststelling van dit subsidiereglement;

Overwegende dat bij de vaststelling van dit nieuwe reglement de volgende provinciale reglementen die eerder door de provincieraad werden vastgesteld, opgeheven worden met ingang van 19 januari 2017:

  • het subsidiereglement "Reglement betreffende de subsidiëring van arbeidsmarktorganisaties voor innovatieve tewerkstellingsprojecten", zoals vastgesteld door de provincieraad op 21 november 2012
  • het subsidiereglement "Reglement betreffende de subsidiëring van Limburgse sociale economieondernemingen inzake tewerkstelling, doorstroom en samenwerking", zoals vastgesteld door de provincieraad op 19 maart 2014;

Gelet op de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige subsidies;

Gelet op het besluit van de provincieraad van 24 oktober 2012 betreffende de controle op de toekenning en de aanwending van subsidies en de normen voor reservevorming;

Gelet op het besluit van de provincieraad van 20 maart 1996 betreffende de herkenbaarheid van het provinciebestuur in provinciale subsidiereglementen;

Gelet op de budgetsleutel 649020/2/0550/2EC3932o “Werkingssubsidies aan verenigingen, instellingen en openbare besturen/Werkgelegenheid/fonds voor regionale arbeidsprojecten” van het provinciebudget en meerjarenplan;

Gelet op artikel 42 van het provinciedecreet;

Besluit

I Voorwerp van het subsidiereglement

Artikel 1: doel en doelgroep

Binnen de perken van het jaarlijks vastgestelde budget kan de deputatie een subsidie verlenen aan:

  • arbeidsmarktorganisaties of hun samenwerkingsverbanden voor de uitvoering van arbeidsmarktprojecten met een intergemeentelijke, regionale of provinciale impact, hierna arbeidsmarktinstroomprojecten genoemd
  • projectpromotoren of -partners voor de uitvoering van projecten ingediend in het kader van de projectoproepen van prioriteit 1 van het ESF-luik van de GTI-Limburg in het kader van SALK, hierna GTI/SALK-luik ESF-projecten genoemd.

Artikel 2: verklaring termen of begrippen

  • Arbeidsmarktorganisaties: werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties, beroepsfederaties, sectorfondsen, publieke en particuliere opleidingsinstanties, VDAB, verenigingen zonder winstoogmerk actief in de opleiding van werkzoekenden, een erkend regionaal samenwerkingsverband (of diens rechtsopvolger), Limburgse lokale besturen en OCMW’s.
  • Samenwerkingsverbanden: arbeidsmarktorganisaties die een samenwerkingsverband aangaan met andere arbeidsmarktorganisaties en/of andere organisaties.
    Ieder samenwerkingsverband moet een Limburgse (B) gemeente of stad als lid hebben die al dan niet als aanvrager optreedt.
    Het partnerschap binnen dit samenwerkingsverband moet worden bewezen door het afgeven van een afschrift van een besluit van de betrokken gemeente(n).
    In het geval van een samenwerkingsverband treedt de aanvrager steeds op als enige begunstigde van de subsidie en als (eind)verantwoordelijke voor de uitvoering van het project.
  • Mandaat voor Kosteloze Arbeidsbemiddeling, Trajectbegeleiding en/of Competentieontwikkeling: een erkenning van de VDAB als organisatie die kosteloos arbeidsbemiddeling, trajectbegeleiding en/of competentieontwikkeling wil verstrekken aan werkzoekenden. De organisatie moet hiertoe - volgens het besluit van de Vlaamse Regering houdende de organisatie van de arbeidsbemiddeling en beroepsopleiding van 5 juni 2009 - door de VDAB gemandateerd zijn. De organisatie dient hiervoor een aanvraag Mandaat voor Kosteloze Arbeidsbemiddeling, Trajectbegeleiding en/of Competentieontwikkeling bij de VDAB in. Indien een organisatie gemandateerd is, toont ze aan te beschikken over een duidelijke organisatiestructuur en de nodige infrastructuur voor het uitvoeren van de vooropgestelde dienstverlening.
  • Erkenning als VDAB-project: de VDAB heeft de mogelijkheid om projecten, georganiseerd door partners, welke arbeidsmarktgericht zijn en inspelen op de behoeften, te erkennen. Deze aanvragen worden behandeld op het Provinciaal Directiecomité van VDAB Limburg. De voortgang van erkende projecten wordt door de betrokken partner geregistreerd in de module "Mijn Loopbaan voor Partners" op de website van de VDAB.
  • LIRES: Limburgse Regionaal Economische Samenwerking.
  • GTI/SALK-luik ESF: binnen een “Geïntegreerde Territoriale Investering” (afgekort: GTI) kunnen lidstaten een specifieke geïntegreerde strategie voor een bepaald gebied ontwikkelen en hiervoor middelen bundelen uit verschillende assen, operationele programma’s en fondsen; GTI Limburg faciliteert de versterking van het Limburgse economische weefsel, als gevolg van de sluiting van Ford Genk, met als basis, het “Strategisch Actieplan voor Limburg in het Kwadraat - SALK”.
  • Prioriteit 1 van het ESF-luik van de GTI-Limburg: deze prioriteit betreft curatief loopbaanbeleid met volgende thema’s: toegang tot werkgelegenheid voor werkzoekenden en inactieven, duurzame integratie op de arbeidsmarkt van jongeren en werk als zelfstandige, ondernemerschap en oprichting van een eigen bedrijf.
  • Bevoegd Europees besluitvormingsorgaan: het orgaan dat beslist over de goedkeuring van projectvoorstellen ingediend in het kader van het GTI/SALK-luik ESF.
  • Bevoegde Europese betalings- en/of certificeringsautoriteit: het orgaan of de instantie die binnen het GTI/SALK-luik ESF of de oproep verantwoordelijk is voor de controle en de betaling van de goedgekeurde projecten.
  • De-minimissteun: de steun zoals bepaald in verordening (EG) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun (Publicatieblad van 24 december 2013, L 352) en alle latere wijzigingen van die verordening.
    De “de-minimisregeling" biedt de mogelijkheid om steun toe te kennen aan ondernemingen gelimiteerd tot 200 000,00 euro per 3 jaar. De periode van 3 jaar heeft een rollend karakter. Het is belangrijk te weten dat alle overheidssteun die onder de “de-minimis” valt, meetelt om te bepalen of de limiet van 200 000,00 euro per 3 jaar al dan niet overschreden wordt. Indien de onderneming een verbonden onderneming is, gelden deze “de-minimisdrempels" voor het groepsniveau van de verbonden ondernemingen.

II Voorwaarden voor subsidietoekenning

Artikel 3: voorwaarden waaraan de aanvrager moet voldoen

Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet de aanvrager aan de volgende voorwaarden voldoen:

§1 voor arbeidsmarktinstroomprojecten:

  • de aanvrager moet rechtspersoonlijkheid hebben, tenzij de aanvrager een werknemersorganisatie is
  • de aanvrager moet voldoen aan alle verplichtingen die voortvloeien uit eerdere toekenningen van gelijkaardige of andere subsidies van de provincie Limburg
  • de aanvrager moet behoren tot de in artikel 1 omschreven doelgroep en voldoen aan de in artikel 2 gedefinieerde termen/begrippen
  • indien de aanvrager geen gemeente/stad of geen erkend regionaal samenwerkingsverband (of diens rechtsopvolger) is, moet hij voor de projectuitvoering een samenwerkingsverband met minstens één Limburgse gemeente/stad vormen; één of meer gemeenten/steden kunnen als projectpartner zonder kosten ofwel als lid van het samenwerkingsverband worden opgenomen
  • de aanvrager moet een “Mandaat voor Kosteloze Arbeidsbemiddeling”, een “Mandaat voor Kosteloze Trajectbegeleiding” en/of een “Mandaat voor Kosteloze Competentieontwikkeling” van de VDAB kunnen voorleggen (afhankelijk van welk(e) nodig is/zijn in het kader van het project)
  • de aanvrager moet een werkingsgebied en een sterke verankering in de provincie Limburg (B) hebben of uitbouwen en deel uitmaken van het lokale arbeidsmarktweefsel

§2 voor GTI/SALK-luik ESF-projecten moet de aanvrager voldoen aan de voorwaarden bepaald in de betreffende ESF-oproep.

Artikel 4: voorwaarden waaraan het project inhoudelijk moet voldoen

Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet het project inhoudelijk aan de volgende voorwaarden voldoen:

§1 voor arbeidsmarktinstroomprojecten:

  • het project moet een duidelijke actie in en een meerwaarde voor de provincie Limburg (B) hebben
  • het project moet een antwoord bieden aan een intergemeentelijk, regionaal of provinciaal arbeidsmarktvraagstuk of een arbeidsmarktvraagstuk op sectorniveau in Limburg (B)
  • het project vertrekt van een gedetailleerde analyse en beschrijving van het intergemeentelijk, regionaal of provinciaal arbeidsmarktvraagstuk en van een gedetailleerde beschrijving van de bijdrage of impact aan het antwoord of oplossing voor het betreffende vraagstuk (in ruimte, tijd, financiële middelen, partnerschappen en rollen, …)
  • de te behalen projectdoelstellingen en bijbehorende meetbare indicatoren moeten volgens het SMARTI-principe zijn geformuleerd
  • het project moet een precies omschreven doelstelling hebben en naar een vooraf geformuleerd resultaat werken: de te realiseren uitstroom naar duurzaam werk wordt bepaald naargelang van de afstand tot de arbeidsmarkt van de beoogde doelgroep naar analogie met de uitstroomcijfers die gehanteerd worden door de Raad van Bestuur van de VDAB
  • het project moet aansluiten bij de opgebouwde expertise van de aanvrager of van het samenwerkingsverband en moet complementair zijn met de reguliere arbeidsmarktwerking van de aanvrager of van het samenwerkingsverband
  • het project is begrensd in de tijd en mag maximum 30 kalendermaanden duren
  • het project mag nog niet gestart zijn op het moment van de indiening van de subsidieaanvraag
  • bij projecten die door een samenwerkingsverband worden ingediend, moet de actieve rol van de betrokken gemeente(n) worden aangetoond

Projecten die de erkenning als VDAB-project hebben genieten bovendien de voorkeur. De actie die voorwerp is van het project moet in dat geval via de website van de VDAB opgenomen/geregistreerd worden in de module "Mijn Loopbaan voor Partners" (MLP) voor de doelgroep werkzoekenden.

§2 voor GTI/SALK-luik ESF-projecten:

  • het project werd hetzij goedgekeurd door het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan, hetzij wegens een ontoereikend ESF-budget niet goedgekeurd door het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan doch kreeg een positieve kwalitatieve beoordeling van dat orgaan
  • het project bevat de deelname van één of meer Limburgse (B) projectpartners en betreft een duidelijke arbeidsmarktactie in en met een meerwaarde voor de provincie Limburg (B)
  • het project is nog niet voltooid op het moment waarop de aanvraag in het kader van dit reglement wordt ingediend
  • het project is nog geen voorwerp van subsidiëring in het kader van een ander lopend subsidiereglement van de provincie Limburg (B)
  • het project moet voldoen aan de voorwaarden bepaald in de betreffende ESF-oproep.

Artikel 5: voorwaarden waaraan het project financieel moet voldoen

Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet het project aan de volgende voorwaarden financieel voldoen:

  • de tewerkstellingsprojecten moeten kosteloos zijn voor werkzoekenden
  • de projectbegroting, die de basis vormt voor de subsidiebepaling in het kader van dit reglement, moet steeds een aandeel van minstens 15 % “eigen middelen” bevatten
  • andere cofinancieringsmogelijkheden (gemeentelijke bijdragen, ESF GTI-oproepen, VDAB-oproepen, Vlaamse oproepen WSE, Europese oproepen, …) moeten maximaal zijn aangevraagd en in het geval van een (voorwaardelijke) toekenning, moet deze cofinanciering in de financieringswijze van de projectbegroting worden ingeschreven
  • het project mag nooit voor meer dan 100 % gefinancierd worden.

Artikel 6: de-minimis

De subsidie die in het kader van dit reglement wordt toegekend, wordt beschouwd als “de-minimissteun”.

III Indiening van de subsidieaanvraag

Artikel 7: de termijn, wijze en het adres van de indiening van de aanvraag

De aanvraag tot het verkrijgen van een subsidie kan op de volgende wijze gebeuren:

  • per post
  • afgeven tegen ontvangstbewijs
  • elektronisch.

Elektronische indiening geniet de voorkeur. Bijlagen die bij de aanvraag behoren en die niet-elektronisch worden ingediend, mogen eveneens per fax worden ingediend.

Meteen na het indienen wordt de ontvangst van de aanvraag bevestigd en worden het verdere verloop en eventuele bijkomende instructies meegedeeld aan de aanvrager.

De aanvraag moet ingediend worden op volgend adres:

Dienst Economie
provincie Limburg
Universiteitslaan 1
3500 HASSELT
E-mail economie@limburg.be

Artikel 8: documenten in te dienen bij de aanvraag

Voor iedere aanvraag moeten de volgende documenten in 1 exemplaar worden ingediend:

§1 voor arbeidsmarktinstroomprojecten:

  • en volledig ingevuld, gedateerd en ondertekend aanvraagformulier
  • de begroting van ontvangsten en uitgaven van het project
  • een gedetailleerde analyse en beschrijving van het intergemeentelijke, regionale of provinciale arbeidsmarktvraagstuk in Limburg (B) en een gedetailleerde beschrijving van de bijdrage of impact aan het antwoord of oplossing voor het betreffende vraagstuk (in ruimte, tijd, financiële middelen, partnerschappen en rollen, projectdoelstellingen en indicatoren, resultaat, …) conform de voorwaarden in artikel 3 §1 en artikel 4 §1
  • het bewijs van partnerschap van één of meer Limburgse gemeenten, namelijk een afschrift van het besluit van de betrokken gemeente(n)
  • de statuten van de aanvrager, tenzij de aanvrager een gemeente of OCMW is
  • een afschrift van het besluit tot het oprichten van het samenwerkingsverband, indien de aanvrager een samenwerkingsverband betreft
  • een jaarverslag of een verslag van de werking van het laatste afgesloten werkjaar
  • indien het gevraagde subsidiebedrag hoger is dan 24 789,35 euro: de jaarrekening (balans en resultatenrekening) van het laatste goedgekeurde rekeningjaar; deze jaarrekening moet niet ingediend worden indien zij online raadpleegbaar is via de website van de Balanscentrale van de Nationale Bank van België
  • een “Mandaat voor Kosteloze Arbeidsbemiddeling”, een “Mandaat voor Trajectbegeleiding” en/of een “Mandaat voor Competentieontwikkeling” van de VDAB
  • een bewijs dat, voor zover mogelijk, andere cofinancieringsmogelijkheden (gemeentelijke bijdragen, ESF GTI-oproepen, VDAB-oproepen, Vlaamse oproepen WSE, Europese oproepen, …) maximaal zijn aangevraagd, namelijk een kopie van brief van de bevoegde instantie waarmee de beslissing i.v.m. het al dan niet toekennen van een subsidie werd meegedeeld samen met de ingediende subsidieaanvraag die voorwerp was van die beslissing, en dit voor iedere aangevraagde subsidie
  • een bewijs van de erkenning als VDAB-project, voor zover van toepassing.

§2 voor GTI/SALK-luik ESF-projecten:

  • een volledig ingevuld, gedateerd en ondertekend aanvraagformulier voor dit reglement
  • een kopie van de volledige aanvraag (inclusief het aanvraagformulier en het kosten- en financieringsplan met een beschrijving van de projectpromotor en -partner(s), een projectomschrijving, de projectlooptijd, de projectdoelstellingen, de projectverantwoording en een begroting van de projectontvangsten en -uitgaven) die voor hetzelfde project binnen het GTI/SALK-luik ESF is ingediend
  • indien het project reeds werd goedgekeurd door het ESF-Agentschap: een kopie van de goedkeuringsbrief of van het goedkeuringsbesluit
  • indien de aanvrager een privaatrechtelijke instantie is: de statuten van de aanvrager voor zover de statuten nog niet eerder werden ingediend en deze sindsdien niet meer gewijzigd zijn
  • indien het gevraagde subsidiebedrag hoger is dan 24 789,35 euro de balans en resultatenrekening van het laatste goedgekeurde rekeningjaar; deze jaarrekening moet niet ingediend worden indien zij online raadpleegbaar is via de website van de Balanscentrale van de Nationale Bank van België
  • een bewijs dat, voor zover mogelijk, andere cofinancieringsmogelijkheden (gemeentelijke bijdragen, ESF GTI-oproepen, VDAB-oproepen, Vlaamse oproepen WSE, Europese oproepen, …) maximaal zijn aangevraagd, namelijk een kopie van brief van de bevoegde instantie waarmee de beslissing i.v.m. het al dan niet toekennen van een subsidie werd meegedeeld samen met de ingediende subsidieaanvraag die voorwerp was van die beslissing, en dit voor iedere aangevraagde subsidie.

Bij een elektronische aanvraag geldt het mailbericht als ondertekening.
Het aanvraagformulier kan op het adres vermeld in bovenvermeld artikel opgevraagd worden of kan van de bovenvermelde website worden gehaald.

IV Toetsing van de subsidieaanvraag

Artikel 9: toetsing op volledigheid

De aanvraag wordt onderzocht op volledigheid.

De aanvrager die een onvolledige aanvraag indient, krijgt schriftelijk de vraag om de ontbrekende gegevens/documenten alsnog in te dienen binnen de meegedeelde termijn.

De aanvraag wordt slechts verder behandeld na indiening van alle ontbrekende gegevens/documenten. De ontvangst van de ontbrekende gegevens/documenten wordt meteen bevestigd.

Een aanvraag die niet vervolledigd wordt binnen deze termijn komt in dat jaar niet meer in aanmerking voor een subsidie in het kader van dit reglement. Hiervan wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.

Artikel 10: toetsing aan de voorwaarden waaraan de aanvrager moet voldoen en aan de voorwaarden waaraan het project inhoudelijk en financieel moet voldoen

De aanvraag wordt getoetst aan de voorwaarden vermeld in het reglement en kan vóór de beslissing over het al of niet toekennen van de subsidie door de dienst Economie voor advies worden voorgelegd aan relevante arbeidsmarktactoren.

Indien nodig geacht voor de beoordeling van de aanvraag, kan door de dienst Economie van de provincie Limburg een bespreking en een bijsturing van het voorgestelde project met de aanvrager worden gevraagd. Hiervan wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld. De aanvraag wordt slechts verder behandeld na indiening van de gevraagde projectbijsturingen. De ontvangst van de projectbijsturingen wordt meteen bevestigd. Wanneer op een schriftelijke vraag tot projectbijsturing of uitnodiging tot bespreking geen antwoord wordt gegeven binnen de erin vermelde termijn, wordt de aanvrager geacht definitief af te zien van zijn aanvraag tot subsidiëring. De aanvrager wordt hiervan schriftelijk in kennis gesteld.

Bij de beoordeling van de aanvragen zullen volgende criteria worden gehanteerd:

  • de inhoud en kwaliteit van het project
  • de wijze waarop een intergemeentelijk, regionaal of provinciaal arbeidsmarktvraagstuk wordt aangepakt
  • de reikwijdte te meten aan de hand van het aantal deelnemende gemeenten en bevolkingsaantallen
  • de haalbaarheid
  • de additionaliteit t.a.v. het reguliere arbeidsmarktbeleid
  • het innoverende, experimentele of bijzondere karakter
  • de overdraagbaarheid
  • de kosten-batenverhouding en de resultaatgerichtheid
  • hefboomfunctie: in welke mate beoogt het project innovatieve opleidings- en begeleidingsmethodieken die door andere organisaties kunnen overgenomen worden en waarbij de manier waarop dit gerealiseerd kan worden, wordt aangegeven.

Artikel 11: toetsing op krediet

Indien de kredieten die in het budget voor dit reglement zijn ingeschreven, uitgeput zijn, komt de aanvraag niet meer in aanmerking voor toekenning.

In voorkomend geval:

  • wordt in de eerste plaats rekening gehouden met de postdatum of bij onleesbaarheid de datum van ontvangst van de aanvraag en komen de aanvragen chronologisch in aanmerking
  • kan de aanvrager binnen de looptijd van dit reglement een geactualiseerde subsidieaanvraag indienen zodra er terug voldoende kredieten ter beschikking zijn (in een volgend budgetjaar of na een budgetwijziging); de aanvraag wordt dan in zijn geheel opnieuw getoetst aan de voorwaarden vermeld in dit reglement.

De aanvrager zal hiervan schriftelijk op de hoogte worden gebracht.

Artikel 12: besluitvorming over de subsidieaanvraag

De deputatie beslist binnen 90 kalenderdagen te rekenen vanaf de postdatum of bij onleesbaarheid de datum van ontvangst van de aanvraag of in voorkomend geval vanaf de datum van ontvangst van de ontbrekende gegevens/documenten bedoeld in artikel 8 van dit reglement, of de aanvraag al of niet in aanmerking komt voor een subsidie en bij een toekenning van de subsidie welk subsidiebedrag wordt toegekend.

De aanvrager zal schriftelijk in kennis gesteld worden van de beslissing.

Artikel 13: besluitvorming onder opschortende voorwaarden

In geval van een GTI/SALK-luik ESF-project wordt de subsidie toegekend onder de volgende opschortende voorwaarde: de goedkeuring van hetzelfde project - ingediend in het kader van het programma GTI/SALK-luik ESF - door het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan verkrijgen, tenzij deze goedkeuring reeds voorafgaand aan de indiening van de subsidieaanvraag in het kader van dit reglement gebeurde en reeds een kopie van de goedkeuringsbrief of van het goedkeuringsbesluit bij de subsidieaanvraag werd gevoegd.

V Berekening van het subsidiebedrag

Artikel 14: bepaling van het subsidiebedrag

§1 Voor arbeidsmarktinstroomprojecten
Het subsidiebedrag bedraagt:

  • maximum 70 % van de door de deputatie aanvaarde subsidiabele uitgaven voor projecten met een werkingsgebied met minder dan 100.000 inwoners
  • maximum 80 % van de door de deputatie aanvaarde subsidiabele uitgaven voor projecten met een werkingsgebied met minstens 100.000 inwoners.

Het toe te kennen subsidiebedrag wordt berekend op basis van de door de aanvrager ingediende begroting van projectontvangsten en -uitgaven zoals opgenomen in of gevoegd bij het aanvraagformulier.

Het definitieve subsidiebedrag wordt na de indiening van de nodige documenten ter verantwoording van de aanwending van de toegekende subsidie berekend op basis van de werkelijke projectontvangsten en -uitgaven na de projectuitvoering en nadat aan de voorwaarden van artikels 15 en 16 werd voldaan. Enkel uitgaven die gedetailleerd bewijsbaar zijn en die officieel boekhoudkundig ingeschreven zijn, worden aanvaard voor de bepaling van het definitieve subsidiebedrag.


70 % van het definitieve subsidiebedrag wordt aan de indiener betaald voor de geleverde inspanning. 30 % van dit definitieve subsidiebedrag wordt betaald naargelang het behaalde resultaat; dit resultaat is de gerealiseerde uitstroom naar duurzaam werk van het percentage dat bepaald is bij de doelgroep van het project. Indien het vooropgestelde resultaat, zoals vermeld in de subsidieaanvraag, niet wordt gehaald, wordt het resultaatsgedeelte (30 %) van de subsidie evenredig verlaagd. In geval van de doelgroep werkzoekenden, wordt het resultaat gemeten drie maanden na afloop van het project (dit is het moment van afsluiten in Mijn Loopbaan voor Partners) en de VDAB bezorgt het resultaat.

Volgende uitgaven zijn subsidiabel:

  • voorbereidende studiekosten voor het opmaken van de gedetailleerde analyse en beschrijving van het intergemeentelijk, regionaal of provinciaal arbeidsmarktvraagstuk en de beschrijving van de gepaste arbeidsmarktacties
  • de directe en indirecte loonkosten van de in de aanvraag vermelde eigen personeelsleden van de aanvrager en desgevallend de personeelsleden van de partners in het samenwerkingsverband die rechtstreeks met de projectuitvoering belast worden
    • waarbij onder directe kosten worden begrepen: de brutowedde, de eindejaarspremie, het verlofgeld en de patronale bijdragen, naar rato van de effectief gepresteerde uren voor het project
    • waarbij onder indirecte kosten worden begrepen: de wettelijke arbeidsongevallenverzekeringen, de bijdragen voor het sociaal secretariaat, vergoedingen voor woon-werkverkeer, maaltijdcheques
    • uitgesloten zijn de extralegale voordelen zoals bijdragen voor pensioenfondsen en andere voordelen in natura onderworpen aan de personenbelastingen
  • kosten voor vergoeding van de erelonen van externe opleidingsverstrekkers
  • verplaatsingskosten van de eigen betrokken personeelsleden voor het project
  • andere direct aan het project gerelateerde werkingskosten zoals vermeld in de projectbegroting
  • de relevante overheadkosten bedoeld voor de huisvesting, algemene administratie en beheer, informatica en telecommunicatie, berekend in verhouding tot de inzet van de voltijdse equivalenten eigen projectmedewerkers, mogen maximaal 15 % van de personeels- en werkingskosten bedragen
  • direct aan het project gerelateerde kosten voor communicatie en promotiemateriaal zoals vermeld in de projectbegroting.

§2 Voor GTI/SALK-luik ESF-projecten
Het maximale subsidiepercentage is gelijk aan het percentage van de toegekende of desgevallend aangevraagde ESF-steun met dien verstande dat enkel de uitgaven die effectief in of voor de provincie Limburg (B) worden gemaakt in aanmerking komen voor de berekening van de provinciale subsidie.

Het definitieve subsidiebedrag wordt bepaald op basis van de afrekening van de aanvaarde subsidiabele uitgaven van de aanvrager door de bevoegde Europese betalings- en/of certificeringsautoriteit.

Het subsidiesaldo wordt bepaald op basis van de afrekening van de aanvaarde subsidiabele uitgaven van de aanvrager door de certificeringsautoriteit van de GTI/SALK-luik ESF.

In het geval van een slechts gedeeltelijke goedkeuring door of latere wijzigingsbeslissing van de bevoegde Europese betalings- en/of certificeringsautoriteit, wordt ook het subsidiebedrag dat in het kader van dit reglement door de provincie Limburg (B) werd toegekend evenredig aangepast.

§3 Voor alle projecten binnen dit subsidiereglement
De bovenvermelde uitgaven zijn inclusief niet-recupereerbare btw.

Eventuele vergoedingen (verplaatsingskosten, kosten kinderopvang, …) aan werkzoekenden worden enkel meegerekend in geval van een niet door de VDAB erkend project.

Eventuele ontvangsten of vergoedingen van externe partners, zoals stagebedrijven, worden in mindering van de totale projectuitgaven gebracht.

Eventuele cofinanciering van andere overheden wordt in de projectuitgaven gerekend, maar wordt in mindering van het provinciale subsidiebedrag gebracht.

Bouw- en verbouwingswerken, aankoop van gebouwen, uitrusting van gebouwen en andere infrastructuur komen niet in aanmerking voor subsidiëring.

De aankoop van rollend materieel is slechts subsidiabel indien deze inherent is aan het doel van het project.

Artikel 15: maximumsubsidiebedrag

§1 Voor arbeidsmarktinstroomprojecten
Het subsidiebedrag inzake arbeidsmarktinstroomprojecten bedraagt maximum 120.000,00 euro per aanvraag.

§2 Voor GTI/SALK-luik ESF-projecten
Er is geen maximumsubsidiebedrag.

Artikel 16: minimumsubsidiebedrag
Indien na toetsing en berekening het subsidiebedrag lager dan 2.500,00 euro is, zal de subsidie niet toegekend worden.

VI Betaling van het subsidiebedrag

Artikel 17: wijze van betaling

Het toegekende subsidiebedrag wordt in twee schijven betaald.

Een eerste subsidieschijf van 50 % wordt als voorschot betaald:

  • voor arbeidsmarktinstroomprojecten: bij de toekenning van de subsidie
  • voor GTI/SALK-luik ESF-projecten:
    • hetzij reeds bij de toekenning van de subsidie, indien bij de subsidieaanvraag een kopie van de goedkeuringsbrief of van het goedkeuringsbesluit van het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan werd gevoegd
    • hetzij pas nadat de voorwaarden tot betaling van het voorschot vermeld in artikel 18 zijn vervuld, indien deze kopie niet bij de subsidieaanvraag werd gevoegd.

Het saldo wordt betaald nadat de voorwaarden tot betaling van het saldo vermeld in artikel 19 zijn vervuld.

Artikel 18: voorwaarden tot betaling van het voorschot

§1 Voor arbeidsmarktinstroomprojecten
Binnen een termijn van 90 kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag van ontvangst van het besluit van de deputatie, waarin de subsidie werd toegekend, moet de aanvraag tot betaling van het terugvorderbare voorschot samen met een kopie van het startbewijs, te controleren en te aanvaarden door de dienst Economie, worden ingediend.

§2 Voor GTI/SALK-luik ESF-projecten
Zo spoedig mogelijk na de goedkeuring van het project door het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan moet de aanvrager een aanvraag tot betaling van het voorschot indienen samen met een kopie van de goedkeuringsbrief of van het goedkeuringsbesluit van het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan, voor zover deze kopie niet reeds bij de subsidieaanvraag werd gevoegd.

Artikel 19: voorwaarden tot betaling van het saldo

§1 Voor arbeidsmarktinstroomprojecten
Na de projectuitvoering moet de aanvrager een betalingsaanvraag voor het saldo van het toegekende subsidiebedrag samen met de volgende documenten indienen:

  • een projectverslag van het volledige project
  • de afrekening van ontvangsten en uitgaven, facturen, schuldvorderingen en andere financi ële verantwoordingsdocumenten.

Het saldo wordt berekend naargelang van het behaalde resultaat, d.i. de gerealiseerde uitstroom naar duurzaam werk zoals bepaald in het project. Indien het vooropgestelde resultaat, zoals vermeld in de subsidieaanvraag, niet wordt gehaald, wordt het resultaatsgedeelte van het subsidiebedrag evenredig verlaagd.

Deze betalingsaanvraag moet binnen een termijn van 90 kalenderdagen, te rekenen vanaf de door de aanvrager meegedeelde einddatum van het project, bij de dienst Economie toekomen.

Het saldo wordt zo spoedig mogelijk betaald na ontvangst van deze documenten bij de dienst Economie en na controle en aanvaarding van deze documenten.

§2 Voor GTI/SALK-luik ESF-projecten
Zo spoedig mogelijk na de projectbeëindiging en na de aanvaarding van de betreffende declaratie(s) in het kader van het GTI/SALK-luik ESF moet de aanvrager een aanvraag tot betaling van het saldo samen met de volgende documenten indienen:

  • een kopie van de goedkeuringsbrief of -brieven van de Europese betalings- en/of certificeringsautoriteit waaruit de goedkeuring van de betreffende declaratie(s) blijkt
  • een kopie van het inhoudelijke eindverslag zoals ingediend bij het betreffende Europese programma
  • een kopie van het verslag over de eindcontrole door de privéstichting Toegankelijk Vlaanderen (Inter) eventueel aangevuld met een verantwoording van de aanvrager waarom niet kon worden voldaan aan de toegankelijkheidsvereisten, voor zover van toepassing.

§3 Voor alle projecten binnen dit subsidiereglement
Deze betaling is voorwerp van een afzonderlijke beslissing van de deputatie op voorstel van de dienst Economie. De aanvrager wordt schriftelijk op de hoogte gebracht van deze beslissing.

VII Verplichtingen na de toekenning van een subsidie

Artikel 20: verplichtingen na de toekenning

Indien in het kader van dit reglement aan de aanvrager een subsidie wordt toegekend verbindt deze zich ertoe:

§1 voor arbeidsmarktinstroomprojecten:

  • de toegekende subsidie aan te wenden voor het doel waarvoor zij werd toegekend
  • op alle communicatiedragers het logo van de provincie Limburg te plaatsen
  • in de communicatie steeds melding te maken van de ondersteuning van de provincie Limburg
  • in te gaan op mogelijke initiatieven die de provincie neemt om gesubsidieerde projecten voor te stellen
  • ervaringen en methodieken, verworven via het gesubsidieerde project, over te dragen naar andere organisaties met het oog op deskundigheidsbevordering van de sector. Deze deskundigheidsbevordering kan op verschillende manieren tot stand komen, onder meer:
    • via informatieoverdracht in relevante provinciale overlegplatforms
    • via deelname aan provinciale studiedagen/vormingsmomenten
  • voor alle werken de vereiste vergunningen te verkrijgen
  • gedurende de hele projectlooptijd jaarlijks vóór 31 augustus zijn goedgekeurde jaarrekening (balans en resultatenrekening) van het afgelopen boekjaar te bezorgen op het adres in artikel 7 van dit reglement; deze jaarrekening moet niet ingediend worden indien zij online raadpleegbaar is via de website van de Balanscentrale van de Nationale Bank van België.

§2 voor GTI/SALK-luik ESF-projecten:

  • de toegekende subsidie aan te wenden voor het doel waarvoor zij werd toegekend
  • de goedkeuring van hetzelfde project - ingediend in het kader van het programma ESF-GTI - door het bevoegde Europese besluitvormingsorgaan te verkrijgen, tenzij deze goedkeuring reeds voorafgaand aan de indiening van de subsidieaanvraag in het kader van dit reglement gebeurde
  • in de externe communicatie m.b.t. het project de herkenbaarheid van de provincie Limburg (B) als ondersteunende overheid te waarborgen op de wijze bepaald door de deputatie op het moment van de subsidietoekenning
  • gedurende de hele projectlooptijd jaarlijks vóór 31 augustus zijn goedgekeurde jaarrekening (balans en resultatenrekening) van het afgelopen boekjaar te bezorgen op het adres in artikel 7 van dit reglement; deze jaarrekening moet niet ingediend worden indien zij online raadpleegbaar is via de website van de Balanscentrale van de Nationale Bank van België.

VIII Controles en sancties

Artikel 21: controle op de aanwending van de toegekende subsidie

De provincie heeft steeds het recht toezicht en controle uit te oefenen bij de begunstigde van de subsidie die hem in het kader van dit reglement werd toegekend. De begunstigde verbindt er zich toe de nodige inlichtingen te verstrekken en de controle van de provincie Limburg te aanvaarden.

Artikel 22: sancties

Indien de begunstigde één of meer verplichtingen voortvloeiend uit dit reglement niet nakomt, kan de provincie het reeds betaalde subsidiebedrag geheel of gedeeltelijk terugvorderen, of in voorkomend geval beslissen tot het niet-betalen of het gedeeltelijk niet-betalen van de toegekende subsidie. Verder kan voor een periode vastgesteld door de deputatie de begunstigde uitgesloten worden om in de toekomst in aanmerking te komen voor subsidies van de provincie Limburg.

IX Slotbepalingen

Artikel 23: inwerkingtreding en geldigheidsduur

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 februari 2017.

Artikel 24: interpretatiegeschillen en onvoorziene omstandigheden

Alle interpretatiegeschillen en onvoorziene omstandigheden betreffende de toepassing van dit reglement worden behandeld door de deputatie.

Hasselt d.d. 2017-01-18

De provinciegriffier,
Renata Camps

De voorzitter
Gilbert Van Baelen